“F*cking Football”

image

Juan Uribe houdt niet van American Football. Dat is misschien nog wat voorzichtig uitgedrukt als je weet hoe de Mets-infielder zondag tekeer ging tegen de sport. Op de vlucht terug naar New York leek het aanvoerder David Wright een goed plan met het hele team naar een football-wedstrijd te kijken. Slecht idee, dacht Uribe.

“Nog meer football? Oh shit! F*cking bullshitUnf*ckingbelievable. Ik wil gewoon honkbal zien. Ik wil geen f*cking football in een vliegtuig”, schreeuwde Uribe naar Wright.

Hoewel Uribe heel duidelijk was, kun je vrij zeker stellen dat hij zijn standpunt enigszins ietwat ongenuanceerd uitte. Wellicht is het voor Uribe in de toekomst handiger om bij dit soort meningsverschillen een paar argumenten paraat te hebben om de rest kalm te overtuigen waarom honkbal kijken leuker is dan football.

Columnist Thomas Boswell kan hem daarbij een handje helpen. Hij schreef eind jaren tachtig een stukje met 99 redenen waarom honkbal beter is dan football. Een kleine greep uit de lijst.
“Honkbal heeft geen muziekfanfares.”
“In Wrigley zingen fans ‘Take me out to the ballgame.’”
“Football-coaches snappen niks van ruzie maken met de umpires. Honkbalmanagers schoppen gravel tegen de benen, schreeuwen in hun gezicht of doen als Earl Weaver, je trekt een honk uit de grond en geeft het niet meer terug.”
“Football-coaches hebben het over karakter, moed, intensiteit en gevaar. Tommy Lasorda zegt: ‘Coachen is alsof je een duif in je hand hebt. Als je hem te stevig vasthoudt gaat het dier dood. Als je het losjes vasthoudt vliegt het weg.”
“Negen innings betekent achttien kansen om een hotdog te kopen. Twee helften betekent zelf iets meenemen of honger lijden.”
“Vijfentwintig graden, een koud biertje, korte mouwen is altijd beter dan -1, een heupfles en zes lagen kleding onder een dekentje.”
“162 wedstrijden is 10125 keer beter dan 16.”

Uribe kan ook altijd nog luisteren naar een monoloog van stand-up comedian George Carlin. Die hield er wel van de twee sporten te vergelijken. “Honkbal begint in de lente, het seizoen van nieuw leven. Football begint in de herfst, als alles doodgaat”, zei Carlin bijvoorbeeld.
“In Football komt de specialist binnen de lijnen om te trappen. In honkbal komt de specialist er in om iemand af te lossen.”
“Football wordt gespeeld in ieder weer: regen, sneeuw, natte sneeuw, hagel en mist. Als het regent bij honkbal komen ze lekker niet naar buiten om te spelen.”
“Bij honkbal is er een soort van picknick-gevoel. Je wordt af en toe emotioneel, maar het wordt zelden onaangenaam. Bij football kun je er zeker van zijn dat je op zijn minst 27 keer iemand wilt vermoorden.”

Zo ging Carlin nog even door en kwam hij bij zijn laatste vergelijking. “In football gaat het om de quaterback. De veldmaarschalk. Hij moet de aanval sturen, de defensie organiseren, zijn receivers met dodelijke precisie bereiken ondanks de chaos, ook al moet hij daarvoor een jachtgeweer gebruiken. Met kleine kogelpasses en lange afstandsbommen marcheert hij zijn troepen door vijandelijk gebied, met aanhoudende aanvallen die gaten slaan in de voorste muur van de vijandelijke defensie-linie.
Bij honkbal is het belangrijkste thuis halen! En dan safe te zijn! Ik hoop maar dat ik safe ben thuis!”

Geen idee trouwens of Uribe wel zin heeft om rustig te discussiëren over honkbal en football. Voorlopig zie ik het somber in. Een journalist op dezelfde vlucht wilde met Juan wel eens over football doorpraten. Uribe: “F*ck! Fooball, fooball, fooball.”

Gepubliceerd op Sport Amerika
Tekst © honkbalopzolder
Foto: Keith Allison
(Juan Uribe)
Uribe quotes via Newsday journalist Marc Carig